Hilma Af Klint, mystica en schilderes, haar tijd vooruit

Hilma af Klint (1862-1944) was een Zweedse kunstenares die tijdens haar leven bekend werd met realistische tekeningen en schilderijen.

Samen met vier vriendinnen hield zij op vrijdagavond salon, waar geesten werden opgeroepen. De boodschappen van de geesten moesten werden opgeschreven en Hilma zetten die boodschappen om in beelden, abstracte beelden, iets totaal nieuws. Zij schilderde haar schilderijen met bollen, krullen, spiralen in prachtige kleuren nog voor Malevitsj, Kandysky en Mondriaan.

Ze liet vastleggen, omdat de wereld er nog niet aan toe was, dat haar werk pas ruim na haar dood tentoongesteld mocht worden. Twintig jaar, dat was haar inschatting, dan was de wereld er rijp voor om haar abstracte kunstwerken, te bewonderen en begrijpen. Maar dat was iets te rooskleurig ingeschat. Het werd 75 jaar na haar overlijden.

Pas in 2019 kreeg haar abstracte kunst waardering met een grote tentoonstelling in het Guggenheimmuseum in New York.

Ik ben geen kunstkenner maar haar werk raakt me, haar leven raakt me. Zoekend en vormgevend naar de heelheid, zo komt haar werk op me over. Ze geeft vorm aan het onzichtbare. Geeft zich totaal aan haar schilderijen. Zo geworteld te zijn en iets nieuws te kunnen maken, geeft mij plezier en moed.

De schaduw en de liefde

Maandag 31 augustus komen we als Junggroep weer bij elkaar. Drie uren spreken we met elkaar, zes mensen, over tien pagina’s uit het Rode Boek. We hebben de tekst allemaal voor ons zelf gelezen. Een van ons lees de tekst hardop voor. Dat is altijd bijzonder omdat de tekst op een andere manier binnenkomt. Deze bladzijden gaan over het niet kunnen verdragen dat ik niets ben. Als Jung het over het ik heeft dan doelt hij op het ego, op alles waarmee we ons hebben geïdentificeerd.

In 1934 schreef Carl Gustav Jung in de vertaling van Hans Huisman: “Wie in de spiegel van het water blikt, ziet beslist als eerste zijn eigen afbeelding. Wie naar zichzelf toegaat riskeert de ontmoeting met zichzelf. De spiegel huichelt niet, die laat getrouw zien wat erin kijkt, namelijk dat gezicht , dat wij de wereld nooit laten zien, omdat wij door de persona, het masker van de toneelspeler verhullen.

Dit is het eerste bewijs van moed op de innerlijke weg, een test die volstaat om de meesten af te schrikken, want de confrontatie met zichzelf behoort tot de meer onaangename dingen die men uit de weg gaat, zolang men alles wat negatief is op de omgeving kan projecteren.

Is men in staat de eigen schaduw te zien en de kennis inzake de schaduw te verdragen, dan is eerst een klein stukje van de opgave opgelost: men heeft tenminste het persoonlijk onbewuste aan de oppervlakte gebracht”.

Ruim eerst je eigen rommel op zo lees ik Jung, daar heb je je handen vol aan. En verderop in het Rode Boek vind ik de zin Liefde echter is: jezelf dragen en verdragen. Daar begint alles mee. Ik heb nog wel een weg te gaan. Maar wat een vreugde om dat samen te doen.

Thuiskomen in een wereld die niet vanzelfsprekend de jouwe is

Bij het woord thuis denken we meestal aan iets persoonlijks: een gevoel van veiligheid, erkenning, gezien worden en verbondenheid. Maar wie zich thuis kan voelen, wordt niet alleen bepaald door de binnenwereld. Ook de buitenwereld vertelt ons voortdurend wie erbij hoort, wie gezien wordt en wie zich moet aanpassen.

Vanuit fenomenologisch perspectief begint thuis bij het lichaam. Het lichaam is niet alleen iets wat we hebben: het is de manier waarop we in de wereld aanwezig zijn. Niet ieder lichaam wordt op dezelfde manier ontvangen.

Vanuit het perspectief van Simone de Beauvoir is vrouw zijn niet alleen een lichamelijk gegeven maar eveneens een maatschappelijke positie. Vrouwen leren wat passend , mooi, bescheiden, aantrekkelijk is en de samenleving is daarmee niet neutraal: zij kent verschillende posities toe aan verschillende lichamen waarbij het witte, heteroseksuele lichaam van mannen de norm is.

Voor minderheden komt daar een ander perspectief bij. Vanuit Alicia Genschinska’s denken over ontheemding begrijp ik dat wonen niet automatisch betekent dat je er thuis bent. Wanneer, taal, huidskleur, afkomst, religie, gender of culturele achtergrond voortdurend als anders wordt benoemd, kan de samenleving een plek worden waarin je wel aanwezig bent, maar nooit helemaal vanzelfsprekend aanwezig.

De ervaring, het gevoel dat je je bestaan niet steeds uit hoeft te leggen maar er vanzelfsprekend mag zijn, dat is thuis.

Thuiskomen in je lijf

Verwar zelfbeeld niet met zelfzijn.

Voor mijn nieuwe boek werk ik aan een hoofdstuk over thuiskomen in je lijf. Voor veel vrouwen is dat lastig omdat we zo gewend zijn om ons lichaam als object, van buitenaf te zien. Zien is hier te zwak uitgedrukt want als we ons lichaam als een object zien, als een ding, dan oordelen we direct.

We kunnen niet objectief waarnemen. Als we in de spiegel kijken, kijken vele ogen met ons mee. Hoe we ons voelen, terwijl we in de spiegel kijken, wat we denken als we in de spiegel kijken, onze ideaalbeelden doen allemaal mee, Ons lichaam is geen instrument waarmee we kijken, maar de manier om in de wereld te zijn.

Al vanaf jonge leeftijd, leert een meisje haar lichaam te zien door de ogen van anderen. Ben ik mooi? Te dik? Sexy genoeg? Cosmetica fabrikanten maken aparte huidverzorgingslijnen en make-up voor meisjes vanaf een jaar of acht. Duizenden gemanipuleerde beelden zien meisjes en vrouwen op TikTok en Instagram waarmee zij zichzelf gaan vergelijken.

De blik van de anderen, zowel van influencers op social media als de concrete andere mensen om ons heen, verdringt de eigen ervaring.

Als je naar jezelf kijkt als object dan stel je de volgende vragen: hoe ziet ik eruit, hoe beoordelen anderen mij? Voldoe ik aan de schoonheidsnorm? Dat maakt thuiskomen in je lijf moeilijk. Want thuis zijn in je lichaam betekent dat je je lichaam van binnenuit bewoont.

Je kunt jezelf beter vragen: Ben ik werkelijk aanwezig in mijn eigen leven? Leef ik vanuit wat mij bezielt? Durf ik mij te ontwikkelen, ook als dat onzekerheid oproept?

Het leven zet ons stil

De vakantie beperkt zich deze zomer tot vier dagen Zeeland met rolstoel. We hadden Noord Frankrijk gereserveerd en een week stemexpressie waar we ons erg op verheugden. Maar het mocht niet zo zijn. Het duwen van een rolstoel valt nog niet mee als het pad omhoog en omlaag gaat. Op de foto puf ik even uit.

Mijn man B. kan op dit moment amper lopen en heeft veel pijn. Hij heeft een dubbele hernia. Dat is al vervelend genoeg maar hij is vooral verbijsterend dat hij ziek is. Nooit eerder op wat kleinigheden na, was hij geveld. Hij is ondernemer en van het alsmaar doorgaan type. En nu is hij stilgezet en hij kijkt in ontzetting om zich heen.

Behalve de ernstige pijn aan zijn heup en been, is de zielenpijn zeker zo groot. Met name de vraag waarom ging ik altijd door met hollen, pijnigt hem. En de diepe onzekerheid of dit ooit nog goedkomt.

Maar ook voor mij, als partner, duwt deze situatie mij in de rol van mantelzorger. Voor mij niet onbekend, want ik was het al eerder van mijn broer maar nu is ook mijn leefwereld gekrompen. En uiteraard zag ik al veel eerder dat zijn weinig slapen en harde werken niet eindeloos door konden gaan. Mijn gevoelens bewegen zich tussen he, he eindelijk is hij gestopt tot diep medelijden.

Wat zijn wij mensen tot een raar soort. Velen van ons beulen zich af om de mooiste, de rijkste, de slimste te zijn of welke wonderlijke doelen er maar in een hoofd kunnen opkomen.

Zomaar zijn en voelen en doen wat nodig is….. als we dat toch eens deden, wat zou de wereld er dan op vooruitgaan.

Ontheemding als onderdeel van thuiskomen

De afbeelding is van een schilderij van Hilma af Klint

We hebben vaak een romantisch beeld van thuis: ergens waar je volledig gekend en gezien wordt.

Maar een mens blijft altijd een beetje vreemd voor zichzelf. Je verandert, je ontdekt nieuwe kanten en je kunt nooit samenvallen met het beeld dat je van jezelf hebt.

Daarom hoeft vreemdelingschap niet het tegenovergestelde van thuis te zijn.

Thuis is niet de plek waar alle vreemdheid verdwijnt, maar de plek waar je met je vreemdheid kunt bestaan.

Als ik erken dat ik zelf nooit volledig samenval met mijn identiteit, kan ik ook ruimte maken voor de ander die anders is.

Wat is thuis?

Deze foto van een rode Dahlia maakte ik gisteren in onze tuin. Mijn grootvader, vader en ikzelf als oudere, hadden een volkstuin. Op die volkstuin werden dahlia wedstrijden gehouden. Wie had de grootste dahlia gekweekt kan ik me herinneren. Met een centimeter werd de doorsnede van een bloem gemeten en warempel mijn opa won de eerste prijs. Wat waren we trots. Ook de bloemen van mijn vader vielen regelmatig in de prijzen.

Als tiener wende ik me af van de tuin van mijn opa want dat vond ik stom, saai en burgelijk. En trouwens ook veel te veel werk.

Pas diep in mijn volwassenheid kwam mijn liefde voor de tuin terug en verdomd ook ik ben nu een dahlia fan. Op een trotsmarkt in Wijk bij Duurstede kocht ik biologische bloembollen en ik had nog een paar knollen van mijn vader. Ieder jaar graven we die uit en leggen ze te drogen op de zolder en ieder voorjaar gaan ze weer in de grond.

De weg van een mens is een kronkelige. De dahlia’s geven mij een gevoel van thuis en ik vind het fijn mijn (groot) vader op deze manier bij me te hebben.

De afwisseling van tuinieren en schrijven aan mijn nieuwe boek is geweldig. Ik begin thuis te komen.

De reis van de heldin

Op een warme, om niet te zeggen snikhete dag, zijn we even in de stad Utrecht. Daar hebben ze de meest heerlijke biologische patat. Daar kan ik ontzettend van genieten. Genietend aan de buitenkant maak ik van binnen een grote reis en dat is voor anderen niet zichtbaar. Is het mogelijk mezelf rechtstreeks te ontmoeten? Daar denk ik over, schrijf ik over en voel ik over. Welke delen heb ik nog niet geleefd? Welke vragen om aandacht?

Waarin verschilt de reis van de heldin met die van de held?

Ik leerde van Mieke Bouma over twee verschillende soorten moed. De eerste is de moed om te gaan, om weg te gaan om een nieuw begin te maken. De tweede vorm van moed gaat meer over het loslaten van de opgebouwde identiteit en het onbekende, de diepte in te gaan.

We zouden dat als een mannelijke en een vrouwelijke manier van ontwikkeling kunnen zien. Om volledig mens te worden, zullen we beide wegen moeten bewandelen.

Een belangrijk verschil is dat de heldin haar levensreis begint met identificatie met mannelijke waarden: presteren, onafhankelijkheid, controle en erkenning. Het mannelijke is de maatschappelijke en culturele norm en het vrouwelijke De Ander.

De held vraagt wie kan ik worden en de heldin vraagt eerder Wie ben ik als niemand kijkt?

Stemexpressie: de stem als spiegel van jezelf

Wat goed naar onze stem luisteren, ons kan leren.

Met Pete Pronk al vele reizen met de stem gemaakt, zowel individueel, in een tweetal en in een groep. Niet praten, niet analyseren, maar ervaren wat er op dit moment is. De stem als belichaamde uitdrukking van hoe het op dit moment met ons gaat in plaats van de stem als een technisch instrument.

Stemexpressie is het bewust gebruiken en ontwikkelen van de stem als middel om gevoelens, gedachten en identiteit tot uitdrukking te brengen, zonder woorden en met de adem en andere geluiden.

Vaak denken we dat onze stem alleen bedoeld is om informatie over te dragen, maar zij vertelt veel meer. De klank, toonhoogte, ademhaling, het tempo en de resonantie verraden hoe wij ons voelen en hoe wij ons tot onszelf en anderen verhouden. Een gespannen stem kan onzekerheid of angst weerspiegelen, terwijl een vrije, volle stem vaak verbonden is met zelfvertrouwen en vitaliteit.

Het beoefenen van stemexpressie helpt mensen om beter contact te maken met hun lichaam en emoties. Door te spelen met klank, adem en ritme ontstaat meer bewustzijn van ingesleten patronen van spreken en zwijgen. Dat kan bevrijdend werken: gevoelens krijgen een stem zonder dat zij direct in woorden hoeven te worden gevat.

Daarnaast versterkt stemexpressie de communicatie. Mensen die hun stem bewust gebruiken, worden vaak duidelijker gehoord en overtuigender ervaren. Niet omdat zij harder spreken, maar omdat hun stem authentieker klinkt. Stemexpressie is daarom niet alleen een artistieke oefening, maar ook een vorm van persoonlijke ontwikkeling. Wie zijn eigen stem leert kennen, ontdekt vaak ook een nieuwe manier om zichzelf in de wereld te laten horen.

Het ik tussen spiegel en ontmoeting

Ons zelfbeeld ontstaat niet in afzondering. Wie we denken te zijn, groeit in de wisselwerking tussen onze ervaringen, de verwachtingen van anderen en de manier waarop wij worden gezien. Het ik is daarom geen vaststaand gegeven, maar een proces van interpreteren, spiegelen en veranderen.

Vanaf onze geboorte leren we onszelf kennen door de tast en de blik van anderen.

Verwachtingen kleuren hoe we naar onszelf kijken en naar anderen. We zien onszelf noch de ander zelden onbevangen. We nemen onze ervaringen, verwachtingen, verlangens en vooroordelen mee. We herkennen vaak eerder wat we verwachten te zien dan wie de ander werkelijk is. Daardoor bestaat het risico dat de ander een spiegel wordt van onze eigen behoeften, in plaats van een mens met een eigen werkelijkheid.

Werkelijke ontmoeting vraagt om openheid Zij begint waar we onze vanzelfsprekende oordelen tijdelijk opschorten en bereid zijn verrast te worden. In de ontmoeting met een ander ontdekken we niet alleen iets nieuws over die persoon, maar ook over onszelf.

Een gezond zelfbeeld vraagt niet om voortdurende bevestiging, maar om de moed jezelf en de ander te ontmoeten zonder dwang van vaste verwachtingen. Juist in die open ruimte kan er iets nieuws ontstaan, waarin het ik niet tegenover de ander staat, maar zich dankzij de ander verder ontwikkelt.

Zo fijn dat er plekken bestaan waar we dat kunnen oefenen. Dank aan het klooster Huissen om ons te ontvangen en omarmen. Ik blijf naast begeleider ook leerling.