Ineens was de vreugde terug in de straten met spelende lichamen

besneeuwde bomen foto Barend Boot

De winter viel in 2021 op 16 januari. Een dun laagje sneeuw toverde ons een wereld waar we blij van werden.Ik kon de sneeuw wel uit de hemel kijken. Ja kom maar een dik pak graag. B. en ik gingen op zaterdagavond sneeuwballen rollen en genoten intens van het prachtige, verstilde landschap. Ik heb veel mooie foto’s langs zien komen van mensen die ook zo genoten. Een dik pak sneeuw werd het niet, slechts een dun laagje, maar mensen wat een schitterende wereld.

In ons stille Wijk bij Duurstede liepen we zachtjes knisperend naar de kasteeltuin. Drie jongens waren aan het sneeuwballen gooien. Mensen, riep een van hen. Het drong heel langzaam tot me door dat ze ons bedoelden. Rustig bleven ze wachten met een grote glimlach tot we voorbij waren. We wisselden nog even informatie uit dat de sneeuw zo lekker plakte en er goede ballen van te maken waren en toen we voorbij gelopen waren, gooiden ze weer sneeuwballen naar elkaar en lachten luid.

Jongens die plezier maakten op straat dat was lang geleden. Het raakte me diep dat het laagje sneeuw voor enkele uren iets liet zien van hoe de wereld was en hoe blij we door de straten liepen. Wat een welkom geschenk in deze donkere dagen.

Deze gezamenlijkheid moet blijven omdat die zo wezenlijk is voor ons mensen. Samen spelen, samen plezier maken, ongeacht leeftijd. Geen perfect me, geen geraaskal dat een op de 12 jongeren al een cosmetische ingreep heeft ondergaan. Het is gewoon niet waar.

Laten we elkaar nabij blijven, spelen, plezier maken en blijven raken desnoods met een sneeuwbal.

Adolescenten hun uiterlijk en de invloed van social media

Met grote regelmaat krijg ik verzoeken van middelbare scholieren die hun profielwerkstuk aan het maken zijn rondom het onderwerp lichaamsbeelden en schoonheidsidealen. Het verzoek betreft dan enkele vragen of een interview. Als zij zelf al voorwerk hebben gedaan en iets gelezen dan ben ik wel bereid hen tegemoet te komen. Handiger is uiteraard om er eens een column aan te wijden, want tot mijn verbazing had ik dat nog niet gedaan.

In mijn boeken Psychologie van het uiterlijk is het eerste hoofdstuk interessant omdat daar de ontwikkeling van het lichaamsbeeld wordt beschreven. Het tweede hoofdstuk gaat expliciet over de adolescentie. In Je bent al mooi is hoofdstuk 2 dat gaat over seksualiteit in het selfie tijdperk en hoofdstuk 3 over schoonheidsidealen bruikbare achtergrondinformatie,

Verder is voor de Nederlandse situatie het werk van Dr.Dian de Vries van de Universiteit Utrecht een mooie bron van kennis omdat zij gepromoveerd is op jongeren, social media en hun uiterlijk. Zij wijst op het feit dat jongeren ontevredener worden door veel op social media te kijken.

De adolescentie is bij uitstek een levensfase waarin veel veranderd zowel op lichamelijk als op mentaal gebied. De belangrijkste vraag die adolescenten moeten beantwoorden is Wie ben ik, los van mijn ouders, en in vergelijking met mijn leeftijdsgenoten in dit nieuwe, geseksualiseerde lichaam? In vergelijking met leeftijdsgenoten gaat over concrete leeftijdsgenoten in de klas, in de buurt, in de familie, op de sportclub enzovoort maar uiteraard ook over de vergelijking met leeftijdsgenoten op social media. In de zintuigelijke wereld, offline, kunnen we goed zien dat perfectie niet bestaat. Sommige mensen zijn mooier dan anderen, maar ze zijn niet perfect. Op social media treffen we van iedereen de beste versies aan. Niet alleen de beste, maar bijna altijd ook de bewerkte versies, waarin allerlei oneffenheden zijn weggewerkt.

Wonen in een lichaam dat nog niet van jou is door de grote hormonale veranderingen maar wat wel al wordt beoordeeld door andere mensen, maakt uiteraard onzeker. Het zien van gemanipuleerde beelden, maakt ontevreden, omdat levende mensen daar nooit aan voldoen.

Dus blijft er niets anders over dan zorgvuldig te zijn in het kiezen van hoe vaak je op social media zit en je vrienden zorgvuldig te kiezen. Hoe minder gemanipuleerde beelden je ziet des de tevredener je je over je uiterlijk voelt. En echte vrienden maken je blij en kijken verder dan je uiterlijk. Zij zijn blij met je omdat je zo’n fijn gezelschap bent, of omdat jullie samen zo kunnen lachen of omdat je zo betrouwbaar bent en nooit roddelt en geen geheimen doorvertelt. En let er eens op wat je lichaam allemaal kan. Ook dat helpt om tevredener te worden.

Je zult merken dat tegen de tijd dat je aan je nieuwe lichaam bent gewend en al die nieuwe innerlijke gevoelens, zoals verliefdheid, hebt leren kennen het al een stuk beter met je waardering over je uiterlijk gaat. Zachte ogen, een kleine glimlach om je mond, helpen heel goed wanneer je naar jezelf in de spiegel kijkt. En zal ik je een geheim vertellen Je bent al mooi, zoals je bent, want van jou is er maar een, je bent uniek en dat is precies wat de wereld nodig heeft.

Geef me nu eindelijk wat ik al had

Omhelzing Picasso in museum Voorlinden

Geef me nu eindelijk wat ik al had is een tere dichtbundel van Herman de Coninck. Ik had nog nooit iets van hem had gelezen maar ik kreeg de bundel van een geliefde collega bij mijn afscheid en ik heb de gedichten langzaam gelezen. Ik plaats er een eentje dan krijgt u een beetje gevoel hoe prachtig de Coninck dicht over de ander die mij ik maakt.

Als hij zomaar bij haar weg kon gaan naar een ander land, een ander ik, een andere vrouw maar hij laat haar niet achter, maar zichzelf. Tederheden die hij was, jongetjes van elf.

die hij bij haar mocht zijn, zeurend, bijna vrolijk, over hun kleine gemisjes, tot hij eindelijk zwijgt, bijna treurend van groot geluk, mannetje van tachtig.

In de antieke wetenschap ging de mare dat berinnen hun vormloos geboren jongen in de berenvorm likten. Zo omslachtig

zoenen zij elkaar. Zij krijgt hem in de ik-vorm, en streelt hem tot de hare.

Ook las ik dit weekend het prachtige boekje van Karin Melis Onverbrekelijk verbonden en het is soms zo wonderlijk hoe je tot de keuze van je boeken komt en hoe goed die soms aansluiten op elkaar terwijl ze niets met elkaar te maken hebben. Zij schrijft hoe de ander zich in je lichaam schrijft en er nooit meer uit gaat ook als je de relatie verbreekt. En dus ook hoe stukken van jou aangesproken moeten worden door een ander om te voorschijn te kunnen komen. Even twee zinnen om haar prachtige manier van schrijven te laten zien.

“In de filosofie is het allang gemeengoed dat het welomschreven, eigenmachtige, zichzelf centraal stellende subject niet bestaat, maar in tegendeel een warrig, dynamisch weefsel is. Er wordt voortdurend aan getornd, anders ingevuld, simpelweg omdat wij mensen, of we dat nu leuk vinden of niet, onwillekeurig openstaan voor, dan wel opengescheurd worden door ontmoetingen die ons aangeharkte tuin doet overwoekeren met onverwacht onkruid en wilde bloemen”. p. 15

Daarna het NRC gelezen, die kopte met de titel De roman heeft een lichaam gekregen toen kon mijn weekend helemaal niet meer stuk. Millennialromans schijnen gevoel en verbinding tot onderwerp te hebben voor de schrijvers van nu. Yra van Dijk schrijft “zij onderzoeken het besef dat het individu niets is zonder relatie tot de ander”.

In deze lockdown met spaarzame ontmoetingen met echte andere mensen is het lezen me tot grote troost en inzicht en wordt het steeds voelbaarder wat fysiek contact met andere mensen doet. Op drie verschillende manieren lezen we het belang van ons lichaam voelen en de ander die mee schrijft op en aan ons lichaam wie we zijn. Oh dat dit toch het nieuwe mensbeeld mag zijn en vandaaruit teder en fysiek met elkaar leven dat is mijn wens voor dit jaar.

Op weg naar wat er geboren wil worden

fotograaf Pete Pronk Texel december 2020

In de kou maar iedere dag een paar uur droog, wandelden we op Texel. Soms een hele lange wandeling door de duinen naar de Slufter en via de zee weer terug. Op andere dagen een kleinere wandeling door de duinen of naar het dorp. Het dorp dat er in de eerste week van januari verlaten bij ligt.

In alle rust in deze bijzondere dagen tussen kerst en drie koningen waarin de hemel en de aarde dichterbij zijn dan in de rest van het jaar, had ik ook veel dromen. Of beter gezegd werd ik iedere morgen wakker met een flard droom.

Alle dagen droomde ik over grote huizen, landhuizen, een enorm groot Amerikaans huis, een hoog huis met beneden de universiteit om een paar voorbeelden te noemen. Vanmorgen was ik aan het bevallen. Mijn vriend en oud rector van de universiteit kwam langs en streelde me over mijn rug, hij wiegde me een beetje dat is wat ik nog weet.

Ben zo benieuwd wat er geboren gaat worden.

Vanuit deze serene rust rijden we rustig terug naar huis. De wind waait stevig en het regent. Onze vrienden de vogels laten zich nauwelijks zien. Zij zijn lekker in hun holletje gebleven en ik moet zeggen daar nodigt het weer echt toe uit.

Maar we gaan weer op weg en dat valt niet mee in deze turbulente tijd met een pandemie en in een wereld vol leugens en verwarring om dan op je weg te blijven en nieuwsgierig naar wat er te voorschijn wil komen.

Wat gaat er geboren worden?

Schrijven en lezen op Texel met Hannah Arendt

fotograaf Pete Pronk

Schrijven en lezen en wandelen op Texel dat zijn de belangrijkste activiteiten, maar ook de zorgvuldig bereide maaltijden en de gesprekken mogen niet onvermeld blijven. Ik las Hannah Arendt Over liefde en kwaad van Ann Heberlein. Fijn om Hannah weer dichterbij te hebben.

Nu had ik al veel van en over Arendt gelezen, zoals de biografie geschreven door Elisabeth Young Bruehl maar dat is toch alweer een aantal jaren geleden. Met name de stukken over het ouder worden, drongen toen nog niet tot me door. In de herfst van 1974 schreef Hanna Arendt na de dood van twee goede vrienden aan Mary McCarthy.

“Ik moet zeggen dat ik niet zo blij ben met dit ontbladeringsproces. Het ouder worden betekent niet, zoals Goethe schreef, een langzaam terugtrekken uit het openbare leven -waar ik helemaal niets op tegen heb- maar een langzame (of, eigenlijk een plotselinge) verandering van de wereld van een plek bevolkt met bekende gezichten tot een plek die bewoond wordt door vreemden. Met andere woorden, ik ben niet degene die zich terugtrekt uit de wereld, maar de wereld verdwijnt voor mijn ogen”.

Het ouder worden in termen van vervreemding. Zij lijkt een vreemdeling geworden, na het verlies van haar man en twee vrienden, ook ten opzichte van haar lichaam en gezicht.

Ann Herbelein schrijft op pagina 106: “Hannah was een aantrekkelijke vrouw, zo’n vrouw die een ruimte domineerde wanneer ze ergens binnenkwam. Hannah lijkt geen verdriet gehad te hebben over haar verloren schoonheid, maar het is duidelijk dat ze de berperkingen van het ouder worden en de ziekte die dat men zich meebracht niet fijn vond”.

Hannah Arendt is maar 69 jaar geworden maar zij zag de ouderdom als een tijd van reflectie en verzoening, een tijd om de balans op te maken en met terugwerkende kracht naar je verleden te kijken en misschien wat meer begrijpen. Dat lijkt me een mooi motto voor het boek dat ik aan het schrijven ben. Persoonlijk lijkt me verzoening het moeilijkst maar ik wil deze tijd zeker gebruiken om te reflecteren en ruimte te maken om de TAO, de Ene of de Natuur (kies de term die je past) haar werk te laten doen.

Oudejaarsdag: wat heeft me geinspireerd het afgelopen jaar?

Slufter Texel

Oudejaarsdag 2020 brengen we door op Texel waar het goed mijmeren is. Ik begin mijn jaar overdenking met mijn gelezen boeken. Welke geschenken heb ik allemaal mogen ontvangen en welke inzichten?

Blijkbaar kan een mens maar een bepaalde hoeveelheid boeken lezen in een jaar. Vorig jaar las ik er 67, terwijl ik werkte en dit jaar toen ik in mei met pensioen ging, las ik uiteindelijk 74 boeken. Dat is toch nauwelijks een verschil. Hoe graag ik ook lees maar dat kan niet de hele dag want het lichaam wil ook bewegen en daar moet ik zeker naar luisteren. Iets anders is, dat heel wat boeken me tot reflectie stemmen of mijmeren. Ik wil niet alleen de tekst tot me nemen maar ik wil haar voelen, echt tot me nemen en me door haar laten wiegen, treiteren, veranderen en tot inzicht komen en dat kost tijd.

Dus naast het lezen, schrijf ik over wat ik lees of ik maak er een column van of een stukje voor mijn boek. Graag vertel ik er vrienden over en raad verschillende boeken aan. Ik vind het ook heerlijk als andere mensen dat bij mij doen want zo kom ik tot nieuwe schrijvers en dus tot nieuwe ervaringen.

Ik dacht een top drie te kunnen maken van de 74 gelezen boeken maar dat is onmogelijk. Het is een top 5 geworden en dan waag ik me niet aan een rangorde. Wel verwijs ik naar de column die ik het afgelopen jaar over deze boeken schreef.

Ton Lathouwers, de zenleraar, schreef Je kunt er niet uitvallen Column 9 juli 2020

Kate Kirkpatrick Simone de Beauvoir, een leven Column 23 maart 2020

Pascal Mercier het gewicht van de woorden

Patti Smith het jaar van de aap

Koen Peeters de mensengenezer Column 17 december 2020

Heel verschillende genres maar mensen wat een rijkdom en vreugde heb ik aan deze boeken beleefd. Ik kan me nu alweer verheugen op de nieuwe stapel omdat teksten me helpen herinneren aan het wonder dat het leven is.

Ik wens mezelf en jullie dat we het komende jaar vanuit ons rijkdomsbewustzijn mogen leven in plaats vanuit de schaarste en de armoede, want we zijn al rijk en we zijn al mooi.

Vrouwelijk denken in Texel

We zijn weer op Texel in ons geliefde huisje met stapels boeken, muziek en heerlijk eten.

Na een autorit met stormachtig weer en bij tijd en wijle heftige regens kwamen we in het donker aan bij ons huisje. Pete had zich al geinstalleerd en toonde me zijn boeken. Veel Jung en wat Kierkengaard, Ton Lathouwers en Marieke Lucas Rijneveld. Wij lenen elkaar met regelmaat boeken uit en ik had Zij is soms altijd, vrouwelijke gestalten van compassie voor hem meegenomen en hij leende mij Vrouwelijk denken in Parijs van Renee Hable uit de jaren tachtig van de vorige eeuw.

Ik ging als eerste, vroeg naar bed. Het zal rond 22.30 geweest zijn. Ik slaap veel in deze stille periode en ik droomde vannacht dat ik in een stoet liep met allemaal prachtige intelligente vrouwen. We waren vrolijk en liepen met stevige pas en armen zwaaiend door de straten. Er kwam ons een man tegemoet die blij knikte omdat hij zoveel mooie, slimme vrouwen zag. Ja dat ging de goeie kant op.

Tijdens het ontbijt vertellen we elkaar onze dromen maar ik was deze flard alweer vergeten. Na een wandeling en boodschappen gehaald te hebben, pakte ik het boekje Vrouwelijk denken in Parijs uit de jaren tachtig en ik las over lezingen van Helene Cixious, zoals die uit 1987 waarin het werk van Clarice Lispector centraal stond. De Braziliaanse schrijfster die zo precies schrijft en die vraagt om een aandachtige, liefdevolle en tedere manier van lezen. Het gaat er om om dichtbij het lichaam van de tekst te blijven om haar betekenissen te kunnen verstaan. Lispector is ook een van mijn geliefde schrijfsters.

“en nooit heben wij de nodige tijd, die kalme, bloedrode tijd, die de voorwaarde voor deze liefde is, die rustig nadenkende tijd die de moed heeft iets gewaar te laten worden”. Het gaat om de langzaamheid, die de bron van tederheid is”. p. 26

Luce Irigaray, Helene Cixous, Clarice Lispector en vele andere prachtige en slimme vrouwen waarmee ik door de straten mag marcheren en op wiens schouders ik mag staan, wat een gevoel van vreugde geeft me dat en ook fijn om te weten dat mijn animus zag dat het goed was.

Voorbereiding op een stille kerst, een-zaam durven zijn

Zoals vele mensen puzzelen ook wij hoe en met wie we de kerstdagen gaan vieren. Doorbrengen wilde ik eerst schrijven maar dat klinkt toch wel heel passief. Nee vieren is beter. Vieren dat er weer licht in ons leven mag komen. Vieren dat we weer lichter in ons hart mogen zijn en open gaan. Dat is voor mij kerst.

Deze foto kreeg ik van een vriend toegestuurd met het bericht dat het geen peanuts is om het licht en de liefde op aarde te ontvangen. Hij schreef trouwens “en toch is de komst van de Heer op aarde geen peanuts” maar dat kan ik dan weer niet denken.

Bron van zijn, die ik ontmoet in wat mij ontroert, kijk daar kan ik mee uit de voeten. Maar ook in dit Aramese Jezusgebed gaat het bij mij alweer mis bij de tweede regel

Ik geef u een naam is de tweede regel. En dat kan ik dan weer niet. Opdat ik u een plaats kan geven in mijn leven, zo gaat het gebed verder, en dat wil ik dan weer wel. Moet ik benoemen, moet ik naamgeven om het onzegbare in mijn leven toe te laten?

Het zijnde, het onzegbare is er toch wel of ik het nu benoem of niet. Ik schreef in mijn vorige column al over het intrigerende boek De Mensen genezer van Koen Peeters waarin hij zo beeldschoon schrijft over het rusteloos verlangen van het hart. Ook las ik deze week weer verder in het onbegrijpelijke Rode Boek van Jung. Op pagina 486 las ik “Liefde echter is: jezelf dragen en verdragen. Daar begint alles mee”.

Jung stond kritische tegenover het kerstenen. Ik citeer een noot op pagina 540

“Eenzaamheid, die nodig is om een-zaam te kunnen zijn, een staat van zijn om een te kunnen zijn. Dat een-zijn is een zijn van licht en schaduw. Een-zaam-heid is volgens de tekst een voorwaarde om schaduwwerk aan te gaan. En op deze plaats is het schaduwwerk het werken van bewustwording van waaruit men lief heeft”.

Het is stil in de straten en ik voel dat de tegenstelling tussen aarde en hemel dunner is in deze tijd. Een-zaam durven zijn daartoe nodigt deze tijd mij uit. Heel in gebrokenheid.

We hebben andere mensen nodig als spiegel om onszelf te zien

foto gemaakt door Barend Appelscha

Ik las de afgelopen week het prachtige boek van Koen Peeters De mensen genezer op aanraden van mijn wandel- en boekenvriendin. Wonderlijk genoeg had ik niet van het boek gehoord en ook de schrijver was mij onbekend. Zo heerlijk als iemand je kent en een boek aanprijst.

Het verhaal gaat over een jonge boerenzoon die woont op de grens van Belgie en Frankrijk. De jongen heeft ontembare dromen en stemmen die ingefluisterd worden door zijn oom die hem verhalen vertelt over geesten en een zwarte soldaat. Hij neemt de boerderij niet over maar treedt in een klooster en studeert en mediteert en wordt onweerstaanbaar aangetrokken tot Congo waar hij ook naartoe gaat.

Op pagina 116 schrijft Peeters: “iemand sprak tot mij, in mij. Toen ik uren later het gras van mijn kleren klopte dacht ik: ik moet hier onmiddellijk weg, ik moet het nu beslissen, ik moet de schuld afkopen. De schuld van mijn ouders, van mijn oom, van die honderdduizend soldaten. Me opofferen. Ik moest het verdriet van de wereld repareren. Ik wilde eindelijk iets doen wat onbesmet en volmaakt was”.

“Want er is dat ene in ons, zei hij. “We moeten ver van huis gaan en anderen ontmoeten om erachter te komen. We hebben een bevreemdende spiegel nodig. juist in de vreemde woorden weerklinkt het. Eindelijk herkennen we dan het onherkenbare, het onzeglijke in onszelf. Het donkere in ons resoneert met het donkere van de ander. Het is hetzelfde ritme, dezelfde rusteloze melodie.”. pagina 280

Ik hoop dat ik iets van de sfeer van het boek heb kunnen over brengen en vooral dat deze tekst u uitnodigt om in deze stille weken te luisteren naar het onzegbare. Luister en spreek eens met een onbekend mens zomaar op straat. Of draai onbekende muziek en luister aandachtig of laat je boeken aanraden die je niet kent.

Dansen om je hart te openen

Graalhuis 12 december 2020

Zaterdag in het Graalhuis in Utrecht sacraal gedanst. Wat is dat sacrale dans vraag je je misschien af.

Jaren geleden toen ik ieder jaar iets nieuws deed, gaf ik me op voor een weekend sacraal dansen in het klooster in Huissen onder leiding van Brigitte Stufkens. Domweg omdat ik het nooit eerder had gedaan en ik wel van dansen hou. Volkomen open ging ik ernaar toe. Er waren alleen vrouwen. We dansten in een kring op mooie muziek vanuit een midden. Je kunt sacrale dans omschrijven als meditatie in beweging, als een manier om echt aanwezig te zijn.

Toen ik de aankondiging van het Graalhuis zag, gaf ik me direct op. Heerlijk bewegen in deze tijd waarin zo weinig kan. In een grote zaal met zeven vrouwen dansten we ook zaterdag in een kring maar wel los van elkaar. Hilde de dansjuf had ook hier een midden gemaakt zoals je op de foto kunt zien. Ze had mooie muziek uitgekozen uit verschillende tradities. Het thema van zaterdag was vrede. Dansen om een open hart te maken. Dansen om zelf een instrument van vrede te worden.

Drie uur lang dansten we met een kwartier pauze. Meestal eenvoudige pasjes van stap, stap in de dansrichting en wieg, wieg en dan naar het midden toe en er weer van af. Soms was het duidelijk welke en hoeveel stapjes er gemaakt moesten worden door de muziek en bij andere nummers was dat wat onduidelijker. Ik deed gewoon wat de juf deed en dat ging wonderlijk ging. Op een nummer na daar moesten we een soort rozet dansen en ik kreeg het niet voor elkaar. Ik zag het niet en ik voelde het niet.

Het was heerlijk om weer in een ruimte met andere vrouwen te zijn maar tegelijkertijd was het wonderlijk om steeds afstand te houden. We konden elkaar toeknikken met de ogen en het was een gemis om niet elkaars handen vast te kunnen houden en echt samen te dansen.

Een van de vrouwen vertelde dat er in deze periode een reportage wordt uitgezonden op NPO2 op donderdagavond met als titel Dorhout op leeftijd in Nederland. Aanstaande donderdag komt Brigitte DE Danslerares in Nederland van de sacrale dans in beeld.

Sacrale dans als meditatie in beweging en steeds meer aanwezig te zijn, viel me nog niet mee, omdat ik de pasjes niet ken. Gelukkig herhaalden we het laatste half uur een aantal nummers en door die herhaling was er voor mij iets merkbaar van meer naar binnen gaan.

Drie uur was best pittig maar ook nodig om de diepte in te kunnen gaan, uit het denkhoofd meer in het lichaam. We bedankten de juf die deze middag zo mooi had samengesteld en ik ging als eerste vanuit het licht, de donkerte in, struikelend door het grote lichtverschil.

De dansbewegingen resoneerden nog uren na.