
Dinsdag 15 september 2026 las ik het interview van Djuna Spreksel in Trouw over ecofilosofie.
Aan het woord komen twee jonge vrouwen, Sophie van Balen en Lisa Doeland, die recent promoveerden. Zij doen een oproep om naar de klimaatcrisis te kijken via onze ademende lichamen.
“Het is onmogelijk niet te ademen, zegt van Balen. “Tegelijkertijd kunnen we die lucht niet zien of vastgrijpen; ze is moeilijk te managen, zelfs voor wetenschappers en ingenieurs. In plaats van ons bij bijvoorbeeld de stikstofcrisis blind te staren op het omlaag brengen van de stikstof -en dus op het beheersen van de cijfers- moeten we een andere soort vraag durven stellen: hoe kunnen we de samenleving zo inrichten dat we gezonde, schone lucht in- en uitademen?”
Ik laat ook Doeland aan het woord die promoveerde op afval en prachtig laat zien dat ons afval niet weg is als we de vuilniszak dichtknopen. “We onttrekken, produceren, consumeren en dumpen”, zegt Doeland.
Beide vrouwen verwijzen in hun onderzoek naar de lichamelijke ervaring van kinderen krijgen.
Ik werd heel blij van deze vrouwen om verschillende redenen.
- Zij laten in hun academisch werk het grote belang zien van denken met je lichaamwaardoor nieuwe vragen ontstaan
- Zij laten zien dat moederschap en academisch werk vruchtbaar zijn en niet alleen een belemmering
- En zij geven mij moed voor de toekomst omdat zij het binaire denken doorbreken, waardoor veel problemen opgelost kunnen worden.
Dit artikel in Trouw las ik op Prinsjesdag waar uiteraard de Troonrede wordt voorgelezen en de verschillen tussen deze visie op menszijn en de ontbrekende visie van het kabinet kon niet groter zijn. Op16 september 2026 kopte Trouw met een zin van minister Heinen over de miljoenennota. De richting is helder: onze welvaart behouden door haar opnieuw te verdienen.
Ik verslikte me zowat in mijn ontbijt. Wat een domme keuze om het behoud van welvaart als kerndoel te zien. Welvaart voor wie en welke betekenis van welvaart wordt hier bedoeld? Houden wat je hebt, lost geen enkel probleem op, en houdt de ongelijkheid en machtsstructuren intact.
Mijn advies aan de politiek is om de mens, de ademende mens, die schone lucht wil in- en uitademen, en op schone aarde en water wil leven als uitgangspunt te nemen van iedere politieke beslissing. Daar hebben alle mensen op de hele wereld profijt van en dat lost direct de geconstrueerde tweedeling op.
Dan maakt het niet uit of de ademende mens wit of zwart is, arm of rijk, boer of burger, man of vrouw.
Het zou in de politiek niet over links of rechts moeten gaan maar om ons menszijn. Wat een mens is, blijft een mysterie maar een ding weten we zeker, we zijn allemaal ademende wezens. En dat is wat we allemaal gemeenschappelijk willen, namelijk een schone en veilige leefomgeving in een wereld die voor ons allemaal een thuis is.
Bij iedere keuze die we als burger en als politicus maken hoeven we alleen maar te denken gaan we hiervan ruimer ademen en dan is het direct duidelijk wat we moeten doen. Wat een welzijn zal dat opleveren.